De missie van een Nederlands
congresorganisator om in China met een Chinese collega, die onervaren
is maar uiterst diplomatiek, een internationaal congres te organiseren,
lijkt aanvankelijk eenvoudig. Tijdens hun vele reizen door China, van
het zuiden tot aan het grensgebied met Siberië, groeit een vriendschap
tussen beide mannen. Deze wordt evenwel op de proef gesteld als de Nederlander
zijn voorliefde voor Tibet heeft uitgesproken en hij over zijn intrigerende
ontmoeting met de Dalai Lama verteld heeft. Als tijdens een werkbezoek
aan een congres in Australië blijkt dat de Chinese collega meer interesse
heeft in grand slam tennis dan in confereren, dan is het de vraag of de
opdracht wel kan slagen. Een herinnering aan het verblijf in Moskou op
het moment van de Augustus-coup, vormt in deze 'verhalenroman' een buitenlands
intermezzo. |
 |